vrijdag 4 september 2015

Interessante stelling van de Dierenbescherming : Boeren gooi het roer om.....



De huidige malaise in de Nederlandse varkens- en melkveehouderij is een symptoom van een bedrijfstak die een volkomen verkeerde richting is ingeslagen. Boeren denken blijkbaar nog steeds dat ze ongelimiteerd moeten produceren en vergeten daarbij dat ze hun eigen graf aan het graven zijn. Intussen wordt de roep om overheidssteun luider en luider. Ik vind het misplaatst, want al jaren is duidelijk dat alleen een veehouderij die kiest voor 'minder en beter' perspectief heeft.

Ik ben blij dat staatssecretaris Sharon Dijksma vorige week na het overleg met de sector duidelijk heeft gemaakt dat ze geen concessies wil doen op het gebied van duurzaamheid en milieu. Ook financiële steun is uit den boze. Wel wil ze kijken of ze in China de deuren wat wijder open kan krijgen voor Nederlandse export van varkensvlees. Dat zou dan een tegenwicht moeten bieden voor de Russische markt die nog steeds op slot zit. Natuurlijk snap ik dat de politiek deze weg verkent, maar het blijft een korte termijnoplossing.

 
Kunstje afkijkenGeloof mij, straks hebben die Chinezen door hoe het moet en raken we ook die afzetmarkt kwijt. Als Europese varkensboer moet je dan niet alleen wedijveren met de huidige concurrenten, die spotgoedkoop dieren afmesten - door lage lonen en dito productiekosten, maar ook met China en andere Aziatische landen. Nee, ik ben ervan overtuigd dat de Nederlandse veehouderij alleen kan overleven met minder boeren die kwalitatief veel beter produceren dan nu. Dat kan door toegevoegde waarde te bieden op een markt die bereid is meer te betalen.
En die markt ís er! Het succes van ons Beter Leven keurmerk toont dat aan. Die markt is weliswaar kleiner, maar kent in potentie grotere marges bij minder productie. Want daar wringt de schoen; je hoeft geen economie te hebben gestudeerd om te weten dat bij een afnemende vraag en een gelijk aanbod de prijzen nu eenmaal dalen. Dat is geen schommelend of dynamisch gegeven, zoals dat vroeger was en bekend stond als 'de varkenscyclus', maar een trend. Mensen willen duurzamer vlees en hebben niet meer de behoefte dat iedere dag te eten.

Fikse slagDeze week nog kwam supermarktketen Lidl met het fantastische nieuws alleen nog maar vlees met het Beter Leven keurmerk van de Dierenbescherming te willen verkopen. "Het is een fikse slag in de strijd om de groeiende groep 'diervriendelijke klanten',” schreef de Volkskrant in een paginagroot artikel over de wedloop tussen supermarkten om een steeds duurzamer en diervriendelijker assortiment aan te bieden. En de boeren? Die stonden donderdag in Den Haag gratis broodjes ham uit te delen. Je kunt het vlees net zo goed weggeven als je er bijna niks voor krijgt, zo redeneert men. Diep treurig en tegelijk ook naïef dat een sector met een dergelijk actie eigenlijk haar eigen failliet illustreert.


Keiharde boodschappen zijn nooit leuk. Maar ze moeten wel worden verteld. Niemand wil 'boertje pesten'. Niemand wil kleine varkensboeren brodeloos maken en in de kou laten staan. Ook de Dierenbescherming niet. Hoe gek dat in de oren van oerconservatieve representanten van de vee-industrie misschien mag klinken: de Dierenbescherming wil juist een partner zijn voor boeren die bereid zijn om hun koers te verleggen. We hebben bewezen dat samen met allerlei ketenpartners te kunnen. Onze 'bijvangst' is dat we inmiddels meer dan 50 miljoen dieren een beter leven hebben kunnen bieden. De oogst voor de boer is een levensvatbaar bedrijf waar rekening wordt gehouden met dierenwelzijn en milieu. Lijkt mij trouwens ook een stuk prettiger werken.

 
Dit willen we niet meer Foto: eigen archief

Acceptabele manier
Ik vind dat boeren geholpen moeten worden. Om duurzaam te gaan produceren, óf om ermee te stoppen. Dat dient op een nette en voor de boeren acceptabele manier te gebeuren. Als daar afspraken met de overheid bij nodig zijn, moeten die er komen en zullen wij graag helpen. De voormannen en -vrouwen in de sector moeten eindelijk eens stoppen om valse verwachtingen bij hun achterban te wekken. Natuurlijk dienen de kosten eerlijk in de sector te worden verdeeld, dat ben ik met ze eens. Maar het is geen oplossing. Net zo min als de roep om minder regels. Minder regels is minder varkens die op diervriendelijker wijze worden gehouden. Dat is tegen de trend in en dus dom.
Ik heb begrepen dat oud-minister Uri Rosenthal de varkensboeren helpt met een marktverkenning. Ik zou hem willen aanraden de rapporten van de eveneens oud-ministers Veerman, Verburg en Alders er nog eens op na te lezen. Net als Herman Wijffels al in 2001 in zijn 'Toekomst voor de veehouderij – agenda voor een herontwerp van de sector' deed, bepleitten zij allen wat ik vandaag alleen maar herhaal: boeren, gooi het roer om!

Frank Dales,Algemeen directeur


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen