Translate

Posts tonen met het label Tsjernobyl. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Tsjernobyl. Alle posts tonen

zaterdag 7 mei 2022

Rond de kerncentrale Tsjernobyl leven honderden straathonden en katten achtergebleven na de kernramp in 1986: Nederlandse House of Animals heeft werklui gevonden van de centrale die het voer uitdelen aan de dieren

 

Hulp voor de honden en katten van Tsjernobyl 

Rond de kerncentrale van Tsjernobyl in Oekraïne leven honderden straathonden en -katten. Het zijn de nakomelingen van dieren die na de kernramp in april 1986 werden achtergelaten tijdens de evacuatie van de nabijgelegen arbeidersstad Pripyat. De Sovjetautoriteiten probeerden de achtergelaten honden te doden, maar de populatie groeide en er kwamen steeds meer dieren bij. Jennifer en Andrii van Green Futures zorgen voor de zwerfhonden, maar kunnen door de oorlog amper nog aan diervoer komen. Samen met House of Animals is een oplossing bedacht.

De honden en katten van Tsjernobyl
Hulp voor de honden van Tsjernobyl met voederpijpen vol brokken van House of Animals | Foto: ©House of Animals

Een groot radioactief besmet gebied van circa 2.600 km2 rond Tsjernobyl en Pripyat is afgesloten voor burgers. Alleen wanneer je officieel toestemming hebt is de radioactieve ‘exclusion zone‘ te betreden, zoals tot het uitbreken van de oorlog veel toeristen deden.

De radioactieve ‘exclusion zone’ bij Tsjernobyl, Oekraïne | Beeld: Nzeemin/Wikimedia

Sinds 2018 zorgen Jennifer en Andrii van Green Futures voor de zwerfdieren in het besmette gebied. Maar door de oorlog is voer voor de honden van Tsjernobyl bijna niet verkrijgbaar. En toen er in februari gevechten losbarstten rond de kerncentrale werd hun werkterrein naast radioactief ook een gevaarlijk oorlogsgebied.

De honden en katten van Tsjernobyl
Sinds 2018 zorgen Jennifer en Andrii van Green Futures voor de zwerfdieren in het besmette gebied | Foto: ©House of Animals

Sinds een paar weken is geprobeerd een manier te vinden om de dieren rond Tsjernobyl toch regelmatig van voedsel te voorzien en deze week is dat gelukt. Jennifer en Andrii brengen eten naar het 2e checkpoint (de afgesloten zone bij kernreactor 4) en hebben daar medewerkers van de kerncentrale gevonden die het voer uitdelen aan dieren in het omliggende gebied. Voor het eerst heeft Andrii ook toestemming gekregen om het terrein van de kerncentrale te betreden en heeft daar zogeheten ‘voederpijpen’ mogen installeren. Dit zijn regenpijpen die met brokjes worden gevuld, met een opening aan de onderkant die het voer alleen doorlaat zodra er wordt gegeten. Op deze manier kan een flinke voorraad achtergelaten worden en komt ieder dier aan bod.

De honden en katten van Tsjernobyl
Regenpijpen met voer gevuld | Foto: ©House of Animals

De honden rond de kerncentrale zijn wat tammer dan de dieren elders in de exclusion zone, maar ze concurreren allemaal met elkaar om het eten. Sommige honden zijn schuw en komen niet graag in de buurt van mensen of andere honden. Dankzij dit systeem van voederpijpen kunnen ook de meer timide honden eten, zodra de alfa-honden hun buik vol hebben. Ook de katten schijnen het voersysteem gevonden te hebben.

De honden en katten van Tsjernobyl
Nakomelingen van dieren die in april 1986 werden achtergelaten | Foto: ©House of Animals

Er restte nog wel een logistiek probleem, want Jennifer en Andrii hebben zelf geen mogelijkheid om eten te kopen, noch de ruimte om het op te slaan. Er werd iemand gevonden die elke donderdag van hoofdstad Kiev richting Tsjernobyl rijdt. Bij Kiev ligt de inmiddels bekende shelter Sirius, die op dit moment dankzij structurele financiële steun van House of Animals zelf eten kan kopen. Zij hebben ook een eigen opslagplaats in Kiev met voorraad. Een telefoontje en alles viel op z’n plek, meldt het crisisteam van House of Animals:

“Een telefoontje naar Sirius was voldoende om het te regelen. Afgelopen donderdag is 500 kilo voer bij Sirius opgehaald en vrijdag werd het verdeeld aan honderden honden van Tsjernobyl. De dieren in Sirius eten er geen brok minder om, we vullen dat natuurlijk gewoon weer aan.”

De honden en katten van Tsjernobyl
Ook de katten van Tsjernobyl hebben het voersysteem gevonden | Foto: ©House of Animals

Dankzij een almaar groeiend bedrag van 506.000 euro aan donaties voor de noodactie van House of Animals kunnen ook deze dieren de komende maanden eten. Zolang het nodig is blijft House of Animals – waar mogelijk – tienduizenden dieren in Oekraïne voeren. Blijf deze dieren alsjeblieft steunen. Voor 5 euro geef je een hond of kat een week te eten.
.

©AnimalsToday.nl


Strijd mee tegen dierenleed!

Zonder jouw hulp kunnen House of Animals en Animals Today niet verder groeien en dieren een stem geven. Waardeer je wat wij doen, steun ons dan met een (eenmalige) donatie.

zaterdag 1 mei 2021

De 700 honden achtergelaten in Tsjernobyl na de nucleaire ramp in 1986 krijgen veterinaire zorg en voer van 2 international dierenwelzijnorganisaties ( veel foto's )

 https://cleanfutures.org/projects/dogs-of-chernobyl/



Voerstations voor de honden van Tsjernobyl 

Na de nucleaire ramp in Tsjernobyl in 1986 zijn de honden in dat gebied achtergelaten. Elk jaar werden er honderden pups geboren, maar de meeste stierven snel door honger, dorst en roofdieren. Jarenlang keek niemand naar de honden op het terrein van de kerncentrale om, maar sinds 2017 startte Clean Futures Fund, partnerorganisatie van dierenwelzijnsorganisatie Society for the Prevention of Cruelty to Animals (SPCA) een sterilisatieproject. Ook werden voerstations in het gebied opgezet, waardoor de ruim 350 honden nu in betere gezondheid verkeren.

Tsjernobyl
De 700 zwerfhonden in Tsjernobyl zijn nu in betere gezondheid | Schermafdruk Video Clean Futures Fund
Sinds 2017 heeft de SPCA honderden honden gesteriliseerd in het gebied en daarmee ging het geboortecijfer flink omlaag. Honden leven nu langer en in betere gezondheid. Tot voor kort voerden werknemers van de fabriek de honden dagelijks. Maar in 2019 werd duidelijk dat de werknemers niet zouden terugkeren naar de fabriek. Dus sinds september 2019 is de organisatie Clean Futures Fund, een internationale partner van SPCA, begonnen met het maken van dagelijkse rondes om voedsel te verspreiden onder de meer dan 700 honden in het gebied.


Vertrouwen in mensen

Er zijn vaste voerplekken ingericht, waar de honden samenkomen en waar ook mensen zijn. Dit betekent dat er minder roofdieren zijn, die de veiligheid van de honden bedreigen. Het consistent voeren op bepaalde plekken geeft de honden vertrouwen in mensen. En het geeft medewerkers van Clean Futures Fund de kans om gewonde honden en zwangere dieren te monitoren. Sinds de vaste voerlocaties er zijn, zien de honden er gezond uit.



Hondjes in Tsjernobyl nu

In 2020 willen SPCA International en Clean Futures Fund de voerplekken verbeteren. In samenwerking met de kerncentrale en ‘Exclusion Zone Management Agency’ willen de organisaties robuuste voerstations bouwen en waterstations op zonne-energie, zodat het water niet bevriest.

Bron:

©Animals Today

woensdag 28 april 2021

35 jaar na de explosie in de kerncentrale Tsjernobyl waar ooit 135.000 mensen werden geëvacueerd, leven nu ontelbare wilde dieren in een groot natuurgebied


Het is 26 april 1986 en in de kerncentrale nabij de stad Tsjernobyl gaat het gruwelijk mis. Tijdens een test ontstaat een explosie in één van de rectoren. Het dak van de reactor wordt weggeblazen, er ontstaat brand en er komen radioactieve materialen en ioniserende straling vrij. In de dagen die volgen worden meer dan honderdduizend mensen die binnen een straal van 30 kilometer van de reactor wonen, geëvacueerd. En het is tot op de dag van vandaag verboden om in dit gebied – ook wel de nucleaire exclusie- of vervreemdingszone genoemd – te wonen. Het resulteert in twee grote spooksteden en heel wat spookdorpen waar de tijd lijkt te hebben stilgestaan. Een rampgebied dat de ramp nooit meer te bovenkomt.

Foto: Tsjernobyl

Dieren

Maar dat is slechts één kant van het verhaal. Want terwijl wij mensen het gebied angstvallig mijden; bang voor wat we er zelf van hebben gemaakt, zijn er andere soorten die er vrijmoedig wonen en zelfs floreren. Tot die conclusie zijn onderzoekers in de afgelopen jaren herhaaldelijk gekomen.


Vanuit helikopters en met behulp van cameravallen brachten zij in de afgelopen drie decennia het leven in de vervreemdingszone in kaart. En er was veel meer te zien dan je met de kernramp nog vers in het geheugen wellicht zou verwachten. Zo zagen de onderzoekers het aantal zwijnen, elanden en reeën in wat tegenwoordig het Wit-Russische deel van de vervreemdingszone is, in de eerste tien jaar na de ramp explosief toenemen. Net als het aantal wolven. Ondertussen werden in het Oekraïense deel Euraziatische lynxen, bruine beren, wisenten en zwarte ooievaars op camera vastgelegd. “Oekraïense en Wit-Russische onderzoekers hebben honderden planten- en dierensoorten in de zone gespot, waaronder meer dan 60 zeldzame soorten,” aldus professor Nick Beresford, verbonden aan het Britse Centre for Ecology & Hydrology.

Verrassing
“De overvloed aan zoogdieren was voor veel mensen – waaronder ook wetenschappers – een verrassing,” vertelt professor Jim Smith, verbonden aan de universiteit van Portsmouth en één van de onderzoekers die uitgebreid onderzoek heeft gedaan naar het leven in de vervreemdingszone. Maar hij merkt tegelijkertijd op dat de overvloed aan dieren in de nucleaire exclusiezone geen verrassing had moeten zijn. “Door experimenten die voorafgaand aan Tsjernobyl zijn uitgevoerd weten we dat dierenpopulaties goed bestand zijn tegen de relatief lage stralingsniveaus die we op de lange termijn na Tsjernobyl zien.”

Nog zo’n succesverhaal in de nucleaire exclusiezone: het verhaal van het Przewalski-paard. Ze werden in de jaren negentig in het gebied losgelaten en floreren er sindsdien. Ze gebruiken verlaten boerderijen als stallen. Afbeelding: Image by Marcel Langthim from Pixabay.

Hot spots
Kort na de ramp was het echter ook voor wilde dieren niet gemakkelijk. “Het is bekend dat intense straling in de ‘hot spots’ (gebieden waar het stralingsniveau heel hoog lag, red.) kort na de ramp schadelijk is geweest voor het wild,” merkt Smith op. Dergelijke hot spots zijn er ook vandaag de dag nog. En het lijkt waarschijnlijk dat organismen daar nog steeds subtiele stralingsschade oplopen, vertelt Smith aan Scientias.nl. “Maar dat heeft geen significante impact op de populaties.”


Floreren
Sterker nog: de dierpopulaties in de nucleaire exclusiezone floreren. “De populaties zijn in de zone zelfs diverser en groter dan in omringende, bewoonde gebieden,” vertelt Smith. “De voordelen die het verwijderen van menselijke activiteit uit de exclusiezone heeft, wegen sterk op tegen alle negatieve consequenties die de straling kan hebben.”

Ooit woonden in de exclusiezone meer dan 135.000 mensen. Zij werden in de dagen na de ramp geëvacueerd en mochten er niet meer terugkeren. De straling was te gevaarlijk. “Dat mensen er niet kunnen leven, komt doordat we voor mensen een veel lagere risicodrempel hanteren,” vertelt Smith. Hoewel het officieel verboden is om in de exclusiezone te wonen, houdt overigens niet iedereen zich daaraan; in verschillende delen van de zone (niet de hot spots) wonen mensen illegaal.

Natuurgebied
En zo heeft de natuur het gebied rond de kerncentrale dus teruggepakt. En het lijkt er niet op dat de dieren het nog eens uit handen zullen hoeven geven. “De Oekraïense sector van de nucleaire exclusiezone is aangewezen als natuurreservaat, hetzelfde geldt voor de Wit-Russische sector. Vrij grote delen van de zone zouden nu weer door mensen bewoond kunnen worden, maar dat lijkt op dit moment niet overwogen te worden.”

Branden
Het wil echter niet zeggen dat de dieren en planten in dit gebied – dat onbedoeld uitgroeide tot het op twee na grootste natuurreservaat van continentaal Europa – niets te vrezen hebben. Zo woedden er eigenlijk elk jaar wel branden. En vorig jaar woedden in het Oekraïense deel van de exclusiezone zelfs de grootste branden sinds de kernramp. “De natuurbranden zijn de grootste bedreiging voor het leven in de zone,” meent Smith.

Inmiddels is het gebied dat 35 jaar geleden zo hard getroffen werd door de kernramp, uitgegroeid tot een plek die opnieuw van grote waarde is. Ditmaal niet omdat er voor duizenden gezinnen energie wordt opgewekt, maar omdat het een rijk en divers ecosysteem herbergt dat het ecosysteem dat hier voor april 1986 huisde, in alle opzichten doet verbleken. Dennenplantages hebben plaatsgemaakt voor veel diversere bebossing die veel meer CO2 op kan nemen en waarin al zeker 1200 plantensoorten en meer dan 340 soorten gewervelden zijn aangetroffen. En zo getuigt het rampgebied niet langer enkel van de enorme ramp die hier 35 jaar geleden plaatsvond, maar bovenal ook van de veerkracht van de natuur.






POPULAIR OP SCIENTIAS.NL