donderdag 1 mei 2014

Geen plaats voor giftige bestrijdingsmiddelen en genetisch gemanipuleerde voedsel op mijn bord ! U wel? ( video )




Duurzame landbouw




Gewassen die op een natuurlijke manier zijn verbouwd, zijn gezond voor mens en milieu. Daarom voert Greenpeace campagne voor duurzame landbouw. Daarin is geen plaats voor giftige bestrijdingsmiddelen en genetische manipulatie, want de nadelen en risico’s daarvan zijn te groot.

Duurzaam eten wordt steeds gewoner: biologische winkels schieten als paddenstoelen uit de grond, boerenmarkten worden druk bezocht en ook in de gewone supers vind je steeds meer producten die met respect voor mens en milieu zijn gemaakt. Maar helaas laten de meeste spullen in onze boodschappenmandjes nog altijd een spoor van vervuiling achter. Landbouwgif, kunstmest, waterverspilling en gentech: dat wil je toch niet?



Het probleem


Het huidige, ‘moderne’ landbouwsysteem rammelt aan alle kanten. En dat veroorzaakt steeds grotere problemen in zowel binnen- als buitenland. In Nederland gaat het al jaren slecht met vogels en insecten op het platteland.

Belangrijke oorzaken zijn het intensieve bestrijdingsmiddelengebruik en de teruggang van natuur op het platteland door intensivering van de landbouw. Vooral de bijensterfte is zeer zorgelijk, want bijen zijn onmisbaar voor het bestuiven van gewassen in de landbouw en het in stand houden van de biodiversiteit.

Helaas sterven bijen massaal doordat in diezelfde landbouw bestrijdingsmiddelen als neonicotinoïden en fipronil worden gebruikt. Imkers en milieuorganisaties als Greenpeace pleiten al lang voor een verbod op deze middelen.

Rapporten van de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) bevestigen dat de gifstoffen een groot risico kunnen vormen voor de bij.

Boeren in de klem


Grote bedrijven die gentechzaden, kunstmest en bestrijdingsmiddelen produceren, krijgen steeds meer macht over wat er op ons bord ligt. En de boeren? Die zitten klem tussen de toeleveranciers van pesticiden en zaden aan de ene kant, en de supermarkten en voedselmultinationals die lage prijzen eisen aan de andere kant. Niet zelden krijgen boeren minder voor hun producten dan het geld dat ze er aan moeten uitgeven om ze te maken.

Nederland heeft al jaren te kampen met een mestoverschot door een veel te grote veestapel, die ook over de grens voor grote problemen zorgt: ons vee wordt gevoerd met veevoer dat in Noord en Zuid-Amerika wordt verbouwd. De productie van dat voer gaat ten koste van de natuur daar.

De landbouwsector is één van de belangrijke aanjagers van het klimaatprobleem. Dat komt vooral omdat vlees een veel te dominante plaats inneemt in ons menu: vleesproductie kost veel energie. Eerst moeten granen verbouwd worden om als voer te dienen, voordat deze granen worden omgezet in vlees. Het verbouwen van veevoer zoals soja gaat ten koste van de bossen. Daarnaast kost het produceren van kunstmest –voor dat voer- veel energie. Landbouwsubsidies, wetenschap en financiering door banken zijn vaak zó ingericht dat ze deze destructieve landbouw stimuleren. Meer gif, kunstmest, verlies van biodiversiteit, etc.

De vraag is niet óf het anders moet, maar hoe lang we het nog laten duren voordat we échte oplossingen gaan invoeren en stoppen met deze fundamenteel verkeerde wijze van voedselproductie.

De oplossing


Dat het anders kan, bewijzen wetenschappers, ondernemers en boeren al lang in de praktijk.

Boeren die met de natuur samen- in plaats van tegenwerken, door bijvoorbeeld geen of veel minder gif te gebruiken, en door verschillende gewassen te telen. Op die manier hebben ze minder last van insecten die hun oogst aanvreten. Door de natuur een plek te geven, helpen vogels en insecten de boer een handje door bijvoorbeeld bladluizen op te eten.

Slimmer beheer van de akkers zorgt ervoor dat de bodem beter tegen een stootje kan. Sterkere gewassen die door slimme gentechvrije ‘bloemetjes en bijtjes-veredeling’ zijn gemaakt en op die manier bestendig zijn tegen droogte, schimmels, of andere ziektes kunnen de boer helpen onafhankelijk te worden van chemie.

Wetenschappers noemen deze vorm van landbouw ‘agro-ecologie’: geen eindeloze monoculturen van hetzelfde gewas of duizenden varkens in één stal, maar diversiteit in gewassen, kleinere akkers, en het wegwerken van het mestoverschot.

Een wetenschappelijk panel, samengebracht op initiatief van de VN, constateerde al in 2008 dat het wereldwijde landbouwsysteem zou moeten veranderen. Meer agro-ecologie, minder gentech en monoculturen, waren een paar van de belangrijke conclusies uit hun studie. Om boeren uit de fuik van meer produceren voor minder kosten te halen, moeten ze een eerlijke prijs voor een duurzaam product krijgen. Dáár staat Greenpeace voor.

Meer weten? Lees de brochure ‘Duurzame landbouw zonder gentech’.

Wat wij doen


Red de bij

We voeren campagne voor de bij. We zetten ons in voor een verbod op bestrijdingsmiddelen die schadelijk zijn voor bijen en we promoten ecologische landbouw die zonder pesticiden kan.

Biologische boeren

Greenpeace is ook mede-initiatiefnemer van het Pieperpad, een duizend kilometer lang fietspad langs duurzame boerenbedrijven waar iedereen proefondervindelijk ontdekt hoe mooi biodiversiteit is en hoe goed eerlijk voedsel smaakt. Gentechvrij, gifvrij en met respect voor boerenkennis, ervaring en inzet.

Genetische manipulatie

Greenpeace voert al heel lang campagne tegen de zogeheten RoundupReady-gentechgewassen, en het bijbehorende onkruidbestrijdingsmiddel Roundup, van het bedrijf Monsanto. Samen met boeren en consumenten kunnen we ervoor zorgen dat Nederland gentechvrij blijft. Maar Roundup-middelen worden niet alleen toegepast op gentechgewassen, op veel Nederlandse stoepen spuiten gemeenten kwistig met het gif, om onkruid te weren. Ook jij kunt iets ondernemen tegen het spuiten van Roundup op de stoep.



Wat jij kunt doen


Eet minder vlees, probeer zo veel mogelijk biologisch en lokaal geproduceerd voedsel te kopen en kijk op het etiket of er geen gentech in zit (de producent is verplicht dit erop te zetten). Door de app Questionmark op je smartphone of tablet te gebruiken, weet je wat je koopt en kunt je veel gerichter boodschappen doen. Vind je het bio-aanbod in jouw supermarkt te mager? Spreek de winkelmanager daar dan op aan; als er meer klanten vragen om bio, zal het lonen dit in de schappen te leggen.






Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen